De Gouden Vijver van Baarn

Zie daar de vijver, rijk gevuld,
niet met water — maar met schuld.
Geen eend die zwemt, geen kikker springt,
maar klinkend goud dat luid cha-ching! zingt.
“Geen zorgen,” sprak men, “klein herstel,”
een ton of wat, dat loopt wel snel.
Maar kijk eens goed, o burger, raad:
dit goud is puur… cultuurresultaat.
Beton als knuppelhout vermomd,
uniek, internationaal beroemd.
Elke scheur een erfgoedwond,
elk lekje telt zes nullen rond.
De bomen juichen zachtjes mee:
“Wij dronken gratis, jaar na jaar, olé!”
De vijver droog, de kraan op slot,
maar het geld? Dat stroomt nog vlot.
En zo ligt Baarn in stille pracht,
een gouden bak die niemand verwacht.
Een parel, zegt men, van grote waarde —
maar wie ‘m betaalt… dat blijft de vraag der vragen op aarde.
“De Wilhelminavijver volgens het college: zonder water, vol goud.”
